Bevallingsverhaal – Postpartum Depressie
Mijn roze wolk begon de eerste dagen roze, maar verkleurde binnen een paar weken van grijs naar zwart. Er was een soort dikke, grijze mist die steeds dikker en donkerder werd. Een van de eerste tekenen dat het niet goed ging, was dat ik niet kon slapen. Zelfs met slaapmedicatie lukte het mij haast niet om te slapen.
Er kwamen wat betere nachten, dan sliep ik misschien 5 uur. Er waren nachten dat ik vooral naar het plafond keek met een hoofd vol gedachten. Ik miste mijn oude leven; tijdens het verlof van mijn vriend wilde ik zoveel mogelijk proberen te doen alsof alles weer normaal was. Uiteten, lunchen, winkelen, (kraam)visite ontvangen, want zodra alles weer normaal was, zou ik vanzelf gelukkig worden.
Je leest een blog in de categorie bevallingsverhalen. Elke bevalling heeft een eigen verhaal. Deze vrouwen delen open en eerlijk hun ervaring. Lees mee en ontdek hoe verschillend, en tegelijk waardevol, een bevalling kan zijn.
De dag dat mijn vriend, na vijf weken verlof, weer aan het werk ging, was een van de eerste dagen waarop ik merkte dat mijn verdriet en angst groter waren dan “normaal”. Ik wilde absoluut niet alleen zijn met de baby; ik wist niet wat ik moest doen en ik was ervan overtuigd dat ik niet voor hem kon zorgen.
Ik raakte in paniek
Als mijn zoontje huilde, raakte ik in paniek. Ik wilde weg; deze gedachte werd steeds groter. In het begin kwam dit weleens in me op en dit werd iedere dag groter en meer. Mijn zoontje verdiende een goede moeder, mijn vriend verdiende een goede partner en dat was ik beslist niet, dus ik moest weg. Op de meeste dagen was mijn vriend thuis. Hij merkte dat het niet goed met mij ging en werkte veel thuis. Op dagen dat hij er niet was, belde ik hem vaak radeloos of zelfs in paniek op.
Postpartum depressie
Ik hield ontzettend veel van mijn zoontje, daardoor dacht ik niet aan een postpartum depressie, maar alles moest perfect gaan. Huilde hij, was dit mijn fout. Sliep hij niet goed, lag het aan mijn aanwezigheid? De tegenstrijdigheid van de liefde voor hem, maar ook de gedachte dat ik weg wilde, dat ik nooit moeder had mogen worden, gaf iedere dag een groot gevecht in mijn hoofd. Ik wilde bij mijn zoontje zijn, maar ik wilde weg, maar ik durfde de deur nauwelijks uit.
Maakte mij druk om de hecthing
Iedere dag (en nacht) maakte ik mij druk om de hechting; ik kon niet goed genoeg voor hem zorgen en hij zou nooit aan mij hechten. Ik faalde als moeder, vrouw, vriendin en dochter. Er leek iets tussen mij en de wereld in te staan; ik keek vanaf een afstandje toe. Ik voelde me leeg, uitgeput en vol met angsten en verdriet tegelijk.
Mijn zoontje was een goede slaper; hier zijn we ontzettend gezegend mee, maar dit maakte het nog moeilijker om die intense vermoeidheid te verklaren en uit te leggen. Mensen die dichtbij mij stonden, wisten dat het niet helemaal goed met mij ging, al durfde ik niet alles te vertellen. Ik had hulp nodig bij de verzorging van mijn zoontje en ik moest dus wel iets vertellen.
Dit vond ik ontzettend moeilijk; het voelde als falen. Mijn vriend merkte het zelf aan mij; dit maakte het voor mij makkelijker om er met hem over te praten. Toen ik er met hem over kon praten, lukte het mij ook om mijn moeder en schoonouders meer te vertellen over wat er in mijn hoofd omging.
Ik durfde niet aan de bel te trekken
Hoewel ik nog stond ingeschreven bij een psycholoog en al contact had met de huisarts in verband met het slechte slapen, durfde ik niet aan de bel te trekken, bang dat mijn zoontje weggehaald zou worden. Drie maanden na de bevalling stond mijn vriend erop dat ik contact zou opnemen met de psycholoog. In eerste instantie werd ik weggestuurd; mijn verhaal was normaal. Op dit punt voelde ik diep van binnen wel dat dit niet klopte; dit kon niet normaal zijn.
Na nog wat gesprekken heeft zij mij toch doorgestuurd naar een psychiater en daar kwam de diagnose: ik had een postpartumpsychose. Vanaf dit punt heb ik verschillende psychologen gezien. Ik vond het moeilijk om een klik te vinden en een behandeling die bij mij paste. Ik voelde me niet altijd begrepen, maar als er één ding is wat iedere psycholoog en psychiater mij liet weten, was het dat mijn kind niet bij mij weggehaald zou worden.
Goede psycholoog vinden
De bevalling was inmiddels 9 maanden geleden toen ik eindelijk een psycholoog trof die verder keek en waar ik echt een klik bij voelde. Op dit punt wilde ik zo graag beter worden, zo graag aan mezelf en mijn toekomst werken, dat het mij lukte om heel open te zijn over alles wat ik voelde en dacht. Dit heeft ervoor gezorgd dat er licht aan het eind van de tunnel kwam.
Als jij je (deels) herkent in mijn woorden, weet dan dat je niet alleen bent. 1 op de 10 vrouwen in Nederland krijgt te maken met een postpartumpsychose. Je hoeft je nergens voor te schamen, vraag hulp, dat verdien je! Het wordt beter, al voelt het nu waarschijnlijk niet zo; er komt een betere tijd. Neem jezelf niets kwalijk, dit overkomt je. De drempel om over je gevoelens en gedachten te praten kan ontzettend hoog zijn, maar weet dat dit de eerste (en misschien wel moeilijkste) stap naar herstel is. Lieve mama, je komt hier uit!
